No act of kindness, no matter how small, is ever wasted! Together we can do so much!

Een tijdje geleden had ik m’n afspraak bij de psychiater, een consultatie die op frequente basis ingepland staat, en hoe vaak ik ook hoop van niet, nog steeds broodnodig is voor me. De tijd waarop consultaties wel nog konden doorgaan, het lijkt een eeuwigheid geleden, maar eigenlijk is het nog niet zo gek lang in het verleden. Al wenend vertelde ik haar hoe ik het gevoel had in het midden van de oceaan te watertrappelen, en geen land in zicht te zien. Geen land in zicht, en verzuurde benen, oren en tenen, zodat geen greintje van m’n lichaam nog gelooft lang te kunnen watertrappelen. Een doos zakdoeken werd bovengehaald, en ze vertelde me dat er misschien wel land in zicht was, maar dat het er misschien totaal niet uit ziet zoals ik het me had voorgesteld.

Wijze woorden en uitspraken zegt ze wel, m’n psychiater. En later die dag dacht ik er moe geweend over na. Zou het kunnen dat ik het land niet herken of zie, omdat ik niet weet hoe het er uit ziet? Omdat ik zo overtuigd ben dat het er anders uit zou moeten zien? Dat kan. Waarschijnlijk zal het wel zo zijn.

Maar welk land zou ik dan kunnen zien? Moeten zien?

Als ik de laatste dagen naar de wereld, de mensen, de media kijk, zie ik veel hoopgevende signalen, maar ook veel diepbedroevende beelden, handelingen en uitspraken. En dan heb ik het helaas niet over al die sterfgevallen en oververmoeide medici.

Ik heb het dan over het egoïsme van de mens die in volle glorie naar boven komt! Nog veel besmettelijker en krachtiger dan gans het corona virus samen, zeker bij het zien van de laatste pak wc papier of de laatste doos eieren in de winkel. We leven in een samenleving. Zo noemt dat dan. Maar wanneer er crisis heerst en het leven stil valt, wordt plots pijnlijk duidelijk, dat mensen niet meer weten wat SAMEN leven is.

De hersencellen maken een vrij korte verbinding tussen wat ze denken nodig te hebben, en hoe ze denken daaraan te kunnen komen. De verbindingen ertussen, zich afvragen hoe het moet zijn om als hulpbehoevenden boodschappen te kunnen halen, hoe mensen met schuldbemiddeling niet eens de financiële middelen hebben om te kunnen hamsteren (als ze het al zouden willen want meestal weten zij wel hoe ze solidair kunnen zijn), hoe de medici na een zware shift de lege rekken moeten treffen, hoe een 80-jarige zonder hulp zich naar de winkels hijst met risico voor eigen leven, om dan niets meer aan te treffen, … die worden niet gemaakt.

De uitzondering op deze korte verbindingen tussen individuele behoefte en het invullen, is hoe ze samen kunnen kijken om tussen de mazen van het net te glippen. Fier als een gieter dat ze nog een lock-down party kunnen geven, vlug nog liters drank inslaan nu het niet meer op café zal kunnen om dan thuis maar feestjes te geven. Zeg nu zelf, met het gezin of met 2 op elkaar kijken, wat valt daar nog aan te beleven, moeten ze ongetwijfeld denken.

Op het moment van die feestjes en lock-down party’s, op het moment dat al die mensen nog de regels aan hun laars lapten, zaten er al héél veel van de risicopatiënten in zelf-isolatie. Vol discipline, omdat dit het enige is wat hun leven misschien kan redden. Gewaarschuwd door hun artsen, met de boodschap dat het wel degelijk op leven en dood is. Nog meer, dan in hun dagdagelijks leven.

Vol angst en schrik. Want deze keer hangt het niet enkel van hun eigen discipline af. Maar ook van die van wildvreemde mensen, die heel vaak fier zijn op hun ongehoorzaamheid. Trots zijn op het ombuigen van de regels zodat het wel in hun plaatje past. Welke operaties gaan door en welke niet? Plots worden hartoperaties uitgesteld, chemokuren in frequentie verlaagd, consultaties om te kijken of er ‘iets meer’ aan de hand is, geschrapt tot nader orde. Al deze mensen vechten op hun manier ook voor hun leven, en de kansen kunnen zomaar even door elkaar geschud worden. En dit, over de ganse wereld.

In het begin zou het Corona virus maar een griepje zijn. Daarna trof het vooral oude mensen, maar die hebben we toch genoeg, hoor je ze soms denken. Tot het uiteraard jouw oma of opa is. Maar als je door de regels leest, en de triage methoden ooit moeten toegepast worden, waar ik voor bid van niet, zal het je maar overkomen dat het plots niet je oma of opa is, maar mama of papa, omdat de leeftijdsgrens verlaagd is wegens te weinig bedden en zuurstof.

Massa hysterie is voor niets goed. Daar ga ik volledig mee akkoord! Maar deze sluipmoordenaar is sluw, en efficiënt. Slopend, en soms ook dodelijk. Het treft iedereen, jong en oud. En niemand staat erboven. Hoe graag iedereen dit ook denkt!

De cijfers in de media kloppen helemaal niet. Behalve deze van de sterfgevallen dan misschien. En zelf deze zal je nooit helemaal zeker weten. Sterven in alle eenzaamheid, en soms ook anonimiteit. Dokters overstelpt met telefoons, waarbij het niet meer de vraag is of je koorts hebt, en of je kortademig bent, maar de norm wordt, of je het thuis nog kunt volhouden of niet.

De normale zuurstofsaturatie van 98-99 bij een gezonde volwassene, die plots maar 93 meer is. Een waarde waar je normaal voor naar de dokter snelt, en waar sommigen onder ons al voor de ambulance zouden bellen, is plots nog voldoende om thuis uit te zieken. Het gevoel dat je op een berg van 4000m zit, maar dan vanuit je zetel, als je dat al hebt, in je op slot gedane kamer waar je niet meer uit mag. Hopend dat je die berg wat kunt afdalen, maar waar je evengoed richting de Mount Everest aan het afstevenen kan zijn, waarbij ziekenhuis geen andere optie is. Als er tegen dan nog een bed en beademtoestel is uiteraard. Hoe moeten de mensen in het ziekenhuis er dan niet aan toe zijn, vraag ik me af.

En wanneer ik beelden zie van Italië, weet ik genoeg. Meer dan genoeg. We willen dit te allen tijde voorkomen, zeggen ze hier. Natuurlijk. Maar zelf dan is het geen overwinning voor ons. Geen tijd om te feesten. En aub, geen freedom party’s na de lock down. Want het virus is slim genoeg om lang genoeg schuil te kunnen blijven en terug toe te slaan wanneer we het nog het minst verwachten.

De wereldeconomie valt stil, en m’n hart breekt als ik denk aan alle kleine zaken en alle mensen die op hun niveau worden getroffen door deze enorme impact. Niet iedereen heeft een buffer, op welke manier deze ook mag ingevuld zijn. De ziekte slaat veel harder toe, dan enkel het virus alleen. Mensen die wenend aan de huistafel zitten, omdat het faillissement nadert. Mensen met gezondheidsproblemen, die niet meer weten wanneer hoe en wat. Mensen die zo eenzaam zijn, dat ze zelf hun Chinese vaas zouden knuffelen of tegen de vlieg op de muur beginnen te babbelen. Dit en zoveel meer. Helaas in sommige kamers nu de bittere realiteit.

Soms krijgen we ‘positief’ nieuws, over vaccins en medicatie die in versneld tempo worden gezocht en getest. Chapeau voor al de mensen die hier dag en nacht mee bezig zijn! Echt waar! Maar is het echt zo ge-wel-dig dat er nu plots versnelde fases in de ontwikkeling worden toegestaan? Die regels zijn er immers voor een reden. Ik weet hoe het is om de nevenwerkingen en blijvende schade te ervaren van medicaties die wél door alle fases zijn gegaan. Ik wil er niet over nadenken wat dit dan moet zijn wanneer dit niet het geval is. Wat zullen we er dan van weten op korte en (middel)lange termijn qua impact op ons lichaam en leven? Welke prijs zal ons dit, letterlijk en figuurlijk, kosten?

Sportevenementen en festivals worden geschrapt, maar ook dit gebeurt maar met mondjesmaat. Wanneer regeringen nog drastische beslissingen moeten nemen en voor enorme financiële katers oplossingen zoeken, gelden er vaak andere regels in andere domeinen. Het maakt niet uit wie er kan deelnemen, als het maar kan doorgaan. Het maakt niet uit wie er in gevaar komt, als het maar kan doorgaan. Het maakt niet uit hoe het concept moet omgebogen worden, als het maar kan doorgaan. Eerlijkheid en gelijke kansen, al lang geen troef meer.

De Olympische gedachte, deelnemen is belangrijker dan winnen, wordt plots op een pijnlijke manier omgebogen. De Spelen laten doorgaan, belangrijker dan wereldwijd het virus overwinnen. Wanneer iedereen momenteel zoveel mogelijk bezig is met het redden van levens die wel degelijk in gevaar komen, zijn anderen bezig met het redden van hun eigen goedje, en dat reikt helaas heel ver.

We stevenen af op een dodental wereldwijd, dat groter is dan het aantal deelnemers op de Olympische Spelen. Alle disciplines, elk geslacht in acht genomen. We stevenen af op een aantal zieken, dat het aantal bezoekers van de Olympische Spelen, opgeteld met al de vrijwilligers overtreffen. En dit is dan nog het scenario, als de Olympische Spelen en de festivals niet doorgaan.

De focus zou op hele andere dingen moeten kunnen liggen voor al die sporters, voor al die vrijwilligers, voor gans die organisatie, voor iedereen ter wereld. Al die helpende handen, snuggere hersencellen, en financiële middelen, zijn nu broodnodig in een veel grotere strijd en een veel belangrijkere gedachte dan de Olympische of welke sport dan ook. Want om te kunnen sporten en feesten, moeten we eerst en vooral kunnen leven. En leven, is plots nog veel minder dan anders, een vast gegeven. Of laat de Olympische gedachte dan wel zegevieren…in het leven. Deelnemen aan solidariteit en respect voor een mensenleven, is nu belangrijker dan zelf te winnen.

Sommigen vinden misschien dat ik gemakkelijk praten heb, maar dat heb ik niet. Toen ik 21 was, kreeg ik kanker, en zag ik de OS van 2012 door m’n neus geboord worden. Toen ik 26 was, was ik nog steeds aan het vechten tegen m’n ziekte en de nevenwerkingen van de behandeling, zodat ik niet kon knocken op de piste voor een toen relatief ‘zwakke’ limiet. Nu ik nog steeds m’n wonden aan het likken ben, maar toch al weer een beetje het knocken kan verdelen tussen het lopen enerzijds en m’n nevenwerkingen anderzijds, werd gans het selectie systeem aangepast en was elke wedstrijd en elke kans broodnodig om überhaupt ook maar een halve procent kans te maken op deelname. Maar ik had het ervoor over. Een Olympische droom geef je immers niet zomaar op.

Iedereen heeft ongetwijfeld een eigen agenda in hun keuze of ze de Spelen willen uitgesteld zien of niet. Sommigen einde carrière, anderen aan het prille begin. Ook ik heb geen idee hoe lang mijn lichaam nog een poging tot intensiever trainen zal verteren. Nu ja, wat je verteren kunt noemen. Maar voor iedereen is 1 ,2, of misschien 4 jaar immers lang in een sportersleven. Misschien zou ik anders praten als ik al geselecteerd zou zijn. Maar ik hoop het eerlijk gezegd niet. Ik hoop dat ik altijd vooral mens zal zijn, in plaats van sporter. Want daar moeten we het uiteindelijk ons leven lang mee doen. En ieder van ons hoopt nog steeds, dat het een leven LANG, mag zijn. Helaas is het velen niet gegeven.

Ik hoor sporters zeggen dat het niet evident is. Dat de onzekerheid knaagt. En als sporter, begrijp ik dat. Als mens, veel minder. Weet je welke onzekerheid knaagt? Niet deze of je doel binnen 4 maand doorgaat of pas binnen anderhalf jaar. Maar wel of je morgen nog zal leven. Of je nog van je dierbaren afscheid zal kunnen nemen nu je in quarantaine ligt. Of je volgende maand nog geld zal hebben om boodschappen te doen. Weet je wat niet evident is? Elke euro moeten omdraaien, om in de supermarkt te kopen wat er nu nog voorhanden is. Je geliefde in het rusthuis zien zitten en gescheiden zijn met een glazen wand. Je mama horen hoesten en de koorts zien oplopen, maar van de dokter nog thuis moeten afwachten omdat de ziekenhuizen anders onderbemand geraken. Is het zo moeilijk om je te blijven motiveren voor een doel dat er nog steeds zal zijn, maar misschien in de toekomst zal opgeschoven worden? Want als het antwoord ja is, ligt het probleem misschien niet bij het opgeschoven doel, maar bij de eigen motivatie. Wat moeten mensen dan zeggen die nu moeten blijven werken zonder garantie op inkomen? Die zich moeten blijven motiveren levens te redden, terwijl ze er meer zien doodgaan dan door het oog van de naald zien kruipen? Waar moeten zij hun motivatie dan halen, als diegenen in een gezond lichaam, met geld, en een goede omkadering en omgeving, het niet eventjes kunnen volhouden?

Het is aan ons om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk mensen de dag van morgen nog hebben. Want velen die nu zwoegen in het ziekenhuis voor hun leven, hebben die garantie niet. En voor velen is het al te laat. Vele sporters nemen graag het voortouw. Gebruik dit dan nu, om sport én jezelf te overstijgen. Gebruik je stem voor iedereen. Gebruik de stem van iedereen. Het is een veel grootsere prestatie en succes om daar in te slagen, dan welke individuele prestatie ook.

Het Corona virus zorgt er niet voor dat er ondertussen geen andere patiënten meer in het ziekenhuis zijn. Geen andere levensbedreigende situaties. Geen andere verwoestende ziektes. Het komt er bovenop.

De vraag is niet langer welk land ik hoop te zien, maar welk land wij allemaal hopen te zien, als deze storm is gaan liggen.

Want eenmaal de storm over is, moeten de wonden nog gelikt worden. De plat gewaaide daken, bomen, en gebouwen, moeten terug opgebouwd worden. De slachtoffers vanonder het puin gehaald, en de wonden gelikt. En het laatste wat we willen, is dat de storm terug komt opzetten, door mensen van over de hele wereld samen te brengen, wanneer we nog midden in het orkaanseizoen zitten. En dat zullen we.

Ik trek me op aan de lokale initiatieven, aan mensen die hartverwarmende boodschappen delen. Aan organisaties die anderen steunen. Aan rijken, die hun rijkdom nu delen. Aan mensen die moeilijke maar moedige beslissingen durven nemen, in functie van het collectief. Ik trek me op aan een opgestoken duim in de verte! Een virtuele knuffel via whatsapp. Een glimlach in de winkel, weliswaar vanop minimaal 1.5meter afstand. En ieder van ons kan dit. Ieder van ons heeft dit in zich. Ieder van ons kan zichzelf, maar zoveel meer mensen beschermen. Deze sprankeltjes van hoop, doen me blijven watertrappelen. Watertrappelen, tot het land terug land zal zijn. Niet langer overstelpt met puin en water. Watertrappelen, tot ik het land terug als land zal herkennen. Hoe anders het dan ook is, dan ik me ooit had voorgesteld.

Ik hoop dat iedereen zo goed als mogelijk voor hun naasten en zichzelf kunnen zorgen. Hulp durven vragen wanneer het nodig is! Ik hoop dat mensen ten allen tijde verbondenheid en liefde mogen voelen! Ik wens alle (para)medici heel veel moed! Alle zieken en hun naasten ontzettend veel kracht en hoop! En iedereen die nu moeilijke knopen hogerop moet doorhakken, gezond verstand en hersencellen die langere verbindingen maken dan de meest korte en zelf-gerichte.

De volgende keer bij de psychiater zal ongetwijfeld uitgesteld worden. Ik hoop dat ik de volgende keer geen zakdoekjes zal nodig hebben, al is het geen schande indien wel. De kans is trouwens groot dat iedereen wel nog een wc rol ter beschikking zal hebben mochten de zakdoekjes op zijn;-).

Mijn kaarsjes branden voor jullie en de wereld en ik ben fier op ieder van jullie, die zich inzetten voor het goede! Want dat overwint uiteindelijk altijd!

Liefs,

Lindsey

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *